Iedereen weet volgens mij wel dat ik beslist geen
voorstander ben van Europese éénmaking (ik zeg bewust geen éénwording,
want het is geen natuurlijk proces, maar een kunstmatige poging). Dat zegt
echter niet dat ik een isolationist ben.
Iedereen die kritiek levert op Brussel krijgt dat stempel
opgeplakt. Je verschuilt je achter de dijken, je bent een xenofoob, een
populist, wellicht zelfs een vuile neonazi. Een Europropagandist als Guy
Verhofstadt deinst er niet voor terug om alle Eurosceptici tot
rechts-extremisten uit te roepen. Steevast wordt de beschuldiging aangevuld
met: “de sceptici hebben geen oplossing; ze zijn alleen maar tegen.”
Soms is dat zelf ten dele wáár. Ook dat diskwalificeert de
Eurosceptici natuurlijk niet: het is niet onredelijk om kritiek op iets te
hebben dat fout gaat, zonder meteen een volledig uitgewerkt alternatief te
hebben. Het is echter wel verstandig om na te denken over alternatieven, en
daarbij moeten we vooral letten op de structuren die Europa in het verleden
veel goeds hebben gebracht.