zaterdag 22 oktober 2011

Altijd gejank om Sinterklaas en Zwarte Piet


Ze zijn vroeg dit jaar. Meestal begint het pas in November, of dat is althans mijn ervaring. Maar je kunt er donder op zeggen dat het ieder jaar weer opgerakeld zal worden: het ver-schrik-ke-lij-ke racisme dat wij “het Sinterklaasfeest” noemen.

Degenen die hierover beginnen vormen een zeer kleine groep mensen, en ze maken er een beroep van om zich aan dingen te ergeren. Deze groep bestaat uit enerzijds mensen van allochtone komaf die zichzelf graag als slachtoffer neerzetten, en anderzijds uit mensen van autochtone komaf die de bovengenoemde allochtonen net zo graag als slachtoffer neerzet.

Het zijn deze mensen die het onacceptabel vinden dat Sinterklaas een kruis op z’n mijter draagt. Die vinden dat er in december een religie-neutraal “lichtfeest” moet worden gehouden. Die vinden dat Zwarte Piet een affront is voor alle niet-blanke mensen op deze aardbol.

Juist, ja. We hebben voor degelijke mensen een woord: aanstellers.

Vorig jaar was het ook raak, en ik herinner me nog goed die interviewer die in Amsterdam Zuid-Oost aan voorbijgangers vroeg of ze Zwarte Piet racistisch vonden. Vooral die pikzwarte man van minstens 1 meter 80 die uitbarstte in een bulderend gelag staat me nog helder voor de geest.

Hij kon zich niet voorstellen dat iemand zich druk zou maken om zo iets onbenulligs. Het idee was letterlijk lachwekkend voor hem. Hij heeft groot gelijk. Ik zou er óók om lachen, als de verbetenheid van de pathologische aanstellers niet al om te janken was.

En nu zijn ze er alweer. Op twitter circuleerden vanochtend berichtjes met de hashtag #FuckZwartePiet, dus dan weet je wel hoe laat het is. De jaarlijkse eindejaarsaanstellerij is weer begonnen. Die “racistische” Zwarte Piet moet afgeschaft worden!

Nu is het sowieso de vraag of er wel sprake is van racisme. Er zijn meerdere theorieën over de geschiedenis van Zwarte Piet. Mijn eigen favoriet is dat Sinterklaas (origineel een lange man in een groene mantel) zeker ten dele is gebaseerd op de Germaanse god Odin. En dat “Zwarte Piet” dus overeenkomt met de zwarte raven van die God, genaamd Huginn en Muninn. Dat heeft dus niets met racisme te maken.

Een andere verklaring (de meest gangbare), is dat Zwarte Piet zijn huidige vorm heeft gekregen als de knecht die door de schoorsteen naar binnen kruipt. En daardoor wordt hij, zoals we in het liedje ook allemaal horen, zwart als roet. Wederom heeft het geen snars met huidskleur te maken.

Toegegeven, een derde theorie is dat Zwarte Piet qua uiterlijk gebaseerd is op het stereotype van “de Moor”, oftewel de Arabische bezetter van het Iberisch schiereiland. Dat kan zijn, maar de twee verklaringen hierboven geven aan dat Zwarte Piet duidelijk al eerder bestond, en daarnaast waren de Moren niet zwart.

Het absurde idee dat Zwarte Piet symbool staat voor slavernij (dat is de reden die de aanstellers bijna altijd geven voor hun haat jegens een traditioneel kinderfeest) is dan ook bewezen onjuist. Het Sinterklaasfeest, mét Zwarte Piet, bestond al lang voordat de intercontinentale slavenhandel op gang kwam.

We kunnen, kort gezegd, concluderen dat Sinterklaas en Zwarte Piet al eeuwen deel uitmaken van de Germaans-Christelijke cultuur in de Lage Landen. Het zou een verraad van ons verleden zijn om dat opeens op te geven, enkel omdat een stelletje klaagzieke mensen dat wil.

In de discussies die vandaag langskwamen, voelden sommige van deze klagers de behoefte om het te hebben over “de racistische Nederlander” met zijn “walgelijke tradities”. Ik heb dan maar één vraag: wat doet u hier nog? Als u dit land zo haat, waarom blijft u dan hier?

Men kan zich tenslotte enkel thuis gaan voelen in een land, als men de tradities van dat land omarmt – als men zichzelf identificeert als een inwoner en burger van dat land. De Amerikaanse auteur James Michener beschreef dit ooit zeer treffend:
                     
If you reject the food, ignore the customs, fear the religion and avoid the people, you might better stay home. You are like a pebble thrown into water; you become wet on the surface, but are never part of the water.”

Zo is het, en niet anders. Als ik naar een ver buitenland ga, dan pas ik mij aan. Wellicht denk ik het mijne van wat ik aantref, maar ik behandel mijn gastheren met het respect dat ze verdienen. Tenslotte zetten zij hun deuren voor mij open.

Datzelfde respect verwacht ik van mensen die zich in Nederland bevinden, maar zichzelf geen Nederlander achten. Dat kunnen gasten zijn, maar (helaas) zijn er ook veel Nederlanders van buitenlandse komaf die zichzelf uitdrukkelijk als niet Nederlands zien.

Tegen hen zeg ik: als u onze tradities zo storend acht, als u zo van ons walgt – vertrek dan. Even goede vrienden, en kom gerust op bezoek, maar wie deel wil uitmaken van dit land moet ook écht deel uitmaken van dit land.

Mensen die wel in ons land willen wonen, maar zich totaal niet willen aanpassen, hebben iets niet begrepen. Als dit land u bevalt, als u onze gewoonten en tradities aantrekkelijk acht, wees dan welkom. Maar als u hier enkel wilt verblijven op de voorwaarde dat wij alles veranderen om u te behagen – als u eist dat wij onze identiteit verzaken om de uwe te versterken – dan verzoek ik u om onverwijld uw biezen te pakken.

Nederland is Nederland, en blijft Nederland. Toevallig hoort daar ook een Zwarte Piet bij. Als dat voor u ondraaglijk blijkt, dan geef ik u met plezier een lift naar Schiphol. Of vertrekt u liever in de zak van Sinterklaas?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen